Onze Duiven

Duiven (Columbidae) vormen een familie van meestal middelgrote, compact gebouwde vogels met volle, ronde borst en kleine kop. Ze hebben een snelle, meestal rechtlijnige vlucht.
Ze kunnen in tegenstelling tot andere vogels water met de snavel opzuigen. 
De jonge duiven worden met duivenmelk uit de krop gevoerd.
Het mannetje heet doffer en het vrouwtje wordt duivin of gewoon duif genoemd.
Een duif broedt zo'n zestien tot twintig dagen in een eenvoudig, wat rommelig gemaakt nest.
Als de jongen geboren worden, zijn ze blind en bedekt met dun geel dons.
Na drie à zes dagen gaan de oogjes van de jongen open en na elf dagen krijgen de jongen veren.
De moeder stopt het voederen na ongeveer zestien dagen, dan eet het jong zelf.
Na 25 dagen kan het jong vliegen